Door: Rudolf Steiner

Gepubliceerd dor: Driegonaal (23-5-2017)

Wanneer men mensen over de impuls van de sociale driegeleding spreekt, komen zij meestal met een reactie in de trant van: ‘Ja, zeker, in Midden-Europa is veel nood en ellende. Wij moeten ons best doen om aan droog brood te komen. Het gaat nu allereerst om economische belangen. Wat hebben wij nu aan mooie idealen? Wat is het nut van wat uit geestelijke ondergrond wordt opgediept?’ – Dit bezwaar zult u op alle mogelijke manieren te horen krijgen. En het valt niet te ontkennen dat het voortkomt uit de bedrukte zielen van onze huidige tijd. Uiterlijk opgevat zit er ook een kern van waarheid in. Maar wij zullen zien, wanneer wij de belangrijkste vraagstukken van onze tijd, die de grondslag voor ons werken kunnen worden, onderzoeken, dat de opvatting dat het nu alleen gaat om het oplossen van economische problemen, op een illusie berust. Deze opvatting gaat namelijk van een ander probleem uit, of van een oplossing voor een ander probleem – maar niet van het werkelijke probleem. Men baseert zich op de vooronderstelling dat de mens – niet specifiek de ene of de andere mens, maar de mens in het algemeen – er geen schuld aan zou hebben dat de beschaafde wereld in de huidige situatie is terechtgekomen.
Wanneer wij de zich over de hele wereld uitspreidende wereldeconomie in ogenschouw nemen – en dat moet tegenwoordig ook gebeuren – dan kunnen wij zeggen dat de natuur ons in deze tijd niet minder geeft dan in andere tijden, wanneer wij de vruchten van de natuur op de juiste wijze onder de mensen kunnen brengen – als mensheid als geheel natuurlijk. Dat mensen nu in nood verkeren, meer dan voorheen, is niet het gevolg van fysieke oorzaken maar is bewerkt door de menselijke geest. Als het zo is dat de mens tegenwoordig in nood verkeert, dan is deze nood het gevolg van een verkeerd geestesleven, van een verkeerd denken. Daarom is het enig mogelijke, dat het juiste denken op de plaats van het foute denken wordt gezet om uit deze noodsituatie te komen. Niet door de natuur, ook niet door onbekende machten is de mens in de huidige situatie beland; het zijn de mensen zelf die de huidige nood hebben doen ontstaan. Wanneer er een noodsituatie is, zijn het de mensen die deze situatie hebben laten ontstaan; wanneer mensen niets te eten hebben, zijn het de mensen die niet voor eten hebben gezorgd. Het is van belang om niet van de foute veronderstelling uit te gaan dat onbekende machten de nood hebben laten ontstaan en dat nu eerst die nood opgeheven moet worden voordat men ertoe over kan gaan om op de juiste manier te denken – dít moet helder ingezien worden: de nood is bewerkt door het onjuiste denken van de mensen en dus kan ook alleen het juiste denken de nood opheffen.
(Rudolf Steiner, Stuttgart, 12 februari 1921, eerste voordracht uit ‘Wie wirkt man für den Impuls der Dreigliederung des sozialen Organismus)