Brussel zet zich schrap voor Bulgaars EU-voorzitterschap

In januari 2018 neemt Bulgarije het voorzitterschap van de Raad van de Europese Unie over van Estland. De Bulgaarse regering wordt echter niet alleen gevormd door de centrumrechtse partij GERB van premier Boyko Borisov, maar ook door de ‘Verenigde Patriotten’, een alliantie van drie nationalistische partijen. In Brussel is men er in de wandelgangen niet geheel gerust op.

De Verenigde Patriotten zijn een alliantie van VMRO, NFSB en Ataka en hebben zeven ministers benoemd in het kabinet van Borisov. NFSB-leider Valeri Simeonov en VMRO-leider Krasimir Karakatsjanov zijn beiden vice-premier, daarnaast is Simeonov minister zonder portefeuille voor Demografisch beleid en Karakatsjanov minister van Defensie. Verder hebben de nationalisten onder andere twee partijloze ministers benoemd, Emil Karanikolov op Economische Zaken en Neno Dimov op Milieu.

Anti-immigratie en klimaatsceptisch

Onder politici en ambtenaren in Brussel bestaat de vrees dat de nationalisten op een of andere wijze hun stempel zullen drukken op controversiële thema’s die in 2018 op de agenda zouden kunnen komen in de Raad van de EU. Zo zouden diverse politici van de Verenigde Patriotten discriminatoire uitlatingen hebben gedaan over Roma en moeten ze weinig hebben van Turken (Bulgarije kent een grote Turkse minderheid) of van illegale immigranten. Daar komt nog bij dat de Bulgaarse minister van Milieu Neno Dimov bekend staat als een zogenaamde klimaatscepticus.

Nu is het zeer de vraag of dit daadwerkelijk een probleem zal vormen, de Verenigde Patriotten zullen immers steeds rekening moeten houden met hun coalitiepartner en dus niet kunnen overvragen. Wel zouden nationalistische ministers tijdens het Bulgaarse voorzitterschap de EU in verlegenheid kunnen brengen door uitspraken tegenover de media.

N-VA en ChristenUnie

Eventuele controversiële uitspraken van Bulgaarse nationalisten zouden ook partijen als de N-VA of de ChristenUnie in verlegenheid kunnen brengen. De Belgische en Nederlandse (aanstaande) regeringspartijen delen in het Europees Parlement namelijk een fractie met de afgevaardigde van de VMRO, Angel Dzjambazki. Dzjambazki werd, na de verkiezingen in mei 2014, in juni 2014 toegelaten tot de fractie van Europese Conservatieven en Hervormers (ECR). Persbureau Reuters tekende in april 2014 nog uit Dzjambazki’s mond op dat zijn partij een “nauwe samenwerking” heeft met de Hongaarse nationalistische partij Jobbik.

xKarakachanov-luisterend-naar-Wilders-640x427.jpg

In november 2014 waren Dzjambazki en partijleider Karakatsjanov dan weer aanwezig op een congres van het Front National in Lyon. Voor ChristenUnie-europarlementariër Peter van Dalen waren contacten tussen AfD en FPÖ één van de redenen waarom de resterende twee AfD-europarlementariërs uit de ECR-fractie moesten vertrekken. VMRO en Dzjambazki persoonlijk houden er niet alleen contacten met de FPÖ, Front National enzovoort op na, maar bovendien met Jobbik, Ruch Narodowy et cetera. Peter van Dalen zag daar kennelijk evenwel geen been in. Het is een halfslachtigheid waarover hij zich wellicht in 2018 nog eens achter de oren zal krabben. We zullen zien.