En zo gebeurde er uiteindelijk niets

ftm.nl · by Ewald Engelen – 4-4-2018

Nu de gemeenteraadsverkiezingen voorbij zijn, is ook de ophef rondom ING-ceo Ralph Hamers verstomd. Wat heet: de minister van Financiën is niet van plan zich met de vergoeding van de topman te bemoeien, want dit zou botsen met de mensenrechten. Een gotspe, schrijft Ewald Engelen.

De ophef vier weken geleden over de exorbitante salarisstijging van ING-ceo Ralph Hamers was groot. De samenleving, de medewerkers van ING, de verzamelde oppositie en de regeringspartijen – iedereen sprak er schande van. Ook premier Rutte en zijn minister van Financiën Wopke Hoekstra noemden de beloning ‘buitensporig’.

Maar ja, dat was toen er nog verkiezingen aankwamen en nadat Jesse Klaver in Buitenhof, tien dagen ervoor, zijn politieke coupe de grace had gepresenteerd: een spoedwet die de minister een vetorecht moest geven over het belongingsbeleid voor de top van de vijf systeembanken die Nederland rijk is.

Inmiddels zijn we vier weken, twee spoeddebatten, een hoorzitting en een verkiezingsnederlaag voor de regeringspartijen verder en is de politieke urgentie weggeëbd. In een schrijven aan de Kamer dat de minister begin deze week heeft verstuurd, meldt deze dat hij niet voornemens is iets te doen aan de bevoegdheid van de raad van commissarissen om het salaris van de raad van bestuur naar believen te verhogen.

Politici in de regering fungeren wel vaker als verdedigers van de status quo

Het verbaast mij niet: politici met regeringsverantwoordelijkheid fungeren wel vaker als verdedigers van de status quo. Wat me wél verbaasde, is het argument dat de minister gebruikte. Hij wil niet ingrijpen omdat de Raad van State, het oudste en hoogste adviescollege van de staat, één waar de koning formeel de voorzitter van is, al in 2014 heeft geadviseerd tegen ingrijpen in de salarisvorming bij systeembanken. De reden daarvoor: omdat het — hou je vast — zou botsen met het Europese Verdrag van de Rechten van de Mens.

Het is om tenminste drie redenen een potsierlijk argument. Ten eerste, omdat het recht op bezit uit het verdrag geenszins hoeft te betekenen dat dat recht als absoluut wordt gezien.

In de Rijnlandse traditie is economisch eigendom (zoals een aandeel) onderdeel van een bundel van rechten die op verschillende manieren aan verschillende belanghebbenden kunnen worden toegekend. De rechten die horen bij het bezit van een aandeel verschillen al naar gelang de inhoud van het nationale effectenrecht en ondernemingsrecht: je hebt wél recht op dividend, toegang tot de aandeelhoudersvergadering en accordering van het jaarverslag, maar níét op toegang tot de bedrijfspercelen, het ontslaan van specifieke werknemers of de besteding van het bedrijfspensioenfonds — om maar wat te noemen.

Oftewel: wat de Raad van State als politieke stoplap bedoelde, had in werkelijkheid het begin van een politiek-economische discussie moeten worden. Welke rechten horen bij het aandelenbezit? En vinden wij — politiek, burgers, samenleving — dat daar in het geval van systeembanken goedkeuring van het beloningspakket van bestuurders bij hoort?

“De crisis heeft geleerd dat grootbanken onverantwoord zijn om gegaan met hun maatschappelijk mandaat”

De tweede reden is dat in het geval van banken gebleken is dat de verantwoordelijkheden die horen bij datzelfde aandelenbezit, vóór de crisis uiterst belabberd zijn vervuld. Prima om aandeelhouders tot de uiteindelijke eigenaren van banken te bestempelen, maar waarom moet je ze dan als het misgaat met publieke middelen uit de brand helpen?

De crisis heeft geleerd dat grootbanken onverantwoord zijn om gegaan met hun maatschappelijk mandaat. De winsten waren voor aandeelhouder en bestuurder, de verliezen voor de belastingbetaler. Je zou dan ook verwachten dat na een economische neergang die ons 135 miljard euro heeft gekost en die 46 miljard euro aan bezuinigingen en lastenverzwaringen met zich meebracht, ook de Raad van State zou onderkennen dat er met banken iets vreemds aan de hand is. Het zijn immers private ondernemingen die publieke nutsfuncties vervullen — en dat is vragen om ellende.

Daaruit volgt dan toch ten minste een afgezwakt eigendomsrecht. Bijvoorbeeld door minister en/of Centrale Ondernemingsraad een veto te geven over de salariëring van de raad van bestuur van zo’n bank.

En de derde reden: omdat het domweg een legalistische gotspe is dat mensenrechten die bedoeld zijn om bijvoorbeeld journalisten te beschermen tegen regimes die hun nagels uittrekken, worden toegepast op systeembanken die tien jaar geleden hebben bewezen incompetent en immoreel te zijn.

Al met al is het een opzichtige poging van de minister om de bancaire beloningsdiscussie juridisch te depolitiseren. Ik hoop van ganser harte dat de kamer er vanmiddag in slaagt om daar doorheen te prikken.

ftm.nl · by Ewald Engelen

Nederlandstalige- geselecteerde- maar niet gepubliceerde artikelen: