Hoe Jordanië protesteert tegen ‘een bezetting’

15-06-18 10:13:00,

In Jordanië komen burgers sinds begin deze maand op straat om te protesteren tegen de zoveelste belastingverhoging. Ondanks toegevingen blijven de protesten voortduren. Wat is er precies aan de hand?

Jordanië is een stabiel land in een onstabiele regio. Althans dat is hoe internationale donoren het land het liefst kennen. Daarom investeren ze in het behoud van die rust. Het is die politieke inmenging die de burgers beu zijn. Ze eisen een einde aan de corruptie en een eerlijke herverdeling van het geld.

Postdoctoraal onderzoeker in conflict- en ontwikkelingsstudies aan de UGent, Pascal Debruyne, volgt de protesten in Jordanië op de voet. “Jordanië wordt op haar manier eigenlijk ook bezet en de burgers vragen zich af door wie ze eigenlijk geregeerd worden.”

Daartegen komen mensen in opstand. De aanleiding is een aangekondigde belastingverhoging bovenop de donaties van internationale instanties die al te vaak corruptie versterken. Het is de druppel die de emmer doet overlopen. Duizenden burgers en studenten trekken de straat op. Eerst in Amman, gevolgd door stedelijke protesten in Kerak, Tafileh en Irbid.

De onvrede zit zo diep dat zelfs de terugtrekking van het wetsvoorstel geen einde brengt aan de betogingen. “Ze hebben hun overwinning eigenlijk al binnen, maar de protesten gaan gewoon verder. Dat komt omdat de protesten met veel meer te maken hebben dan enkel een belastingverhoging.”

Lenen is snoeien

Jordanië is een arm land, heeft geen inkomsten uit olie, heeft schaarse grondstoffen en probeert bovendien het hoofd te bieden aan een enorme instroom van Syrische vluchtelingen. Het land kon niet afdoend rekenen op de vertrouwde financiële steun van de rijke Golfstaten of de traditionele bondgenoot VS. Daarom had Jordanië geen andere keuze dan zich in 2016 te richten tot het Internationaal Monetair Fonds (IMF).

Een lening aangaan bij het IMF verloopt niet zonder gevolgen. Jordanië moest in ruil voor een lening van 723 miljoen dollar de belastingen verhogen en snoeien in hulpprogramma’s voor de arme bevolking, die hen aan brood en benzine hielpen. De elites plukken in Jordanië voortdurend de vruchten, terwijl de middenklasse én de arme klasse enkel de negatieve neveneffecten van de lening voelen. Daarom vormen de twee klassen volgens Debruyne samen een brede beweging met één gemeenschappelijk strijddoel: een billijk fiscaal beleid en een eerlijke herverdeling van het geld.

 » Lees verder