Sihanoukville, gokparadijs en Chinese enclave in Cambodja

Sihanoukville, gokparadijs en Chinese enclave in Cambodja

16-08-18 08:25:00,

Het nieuwe Macau. Zo wordt de Cambodjaanse kustplaats Sihanoukville genoemd. De zuidelijke havenstad ligt op de zogenaamde Nieuwe Zijderoute en is daarom erg interessant voor China. Ondernemers bouwen er massaal veel casino’s.

De Cambodjaanse overheid ziet het allemaal graag gebeuren. Het geld stroomt immers binnen en Peking stelt nooit lastige vragen. “Het gaat zo snel in Sihanoukville dat de stad er op enkele maanden tijd al helemaal anders uitziet”, vertelt een vriendin mij. 

De laatst keer dat ik er op bezoek was, moet in december geweest zijn. Een goed half jaar geleden dus. Omdat ik die “spectaculaire veranderingen” graag met eigen ogen wil bekijken, plan ik een bezoek naar ‘het nieuwe Macau’, ook wel het grootste gokparadijs ter wereld genoemd.

Carte blanche 

Wanneer je de stad binnen rijdt, zie je inderdaad overal casino’s. Het zouden er intussen bijna honderd zijn, maar er wordt voortdurend bijgebouwd. Soms zijn het grote protserige paleizen met veel goud. Maar je ziet ook obscure goktenten, alleen herkenbaar aan een uithangbord met de symbolen van de speelkaarten.

Net naast die casino’s vind je nog altijd de typische Cambodjaanse winkeltjes waar thee geserveerd wordt en waar de vleesspiesjes op een barbecue liggen. Aan het strand genieten toeristen van een cocktail. Of van een duik in de golf van Thailand. 

Die verschillende elementen botsen. Hier is duidelijk geen stadsplanning mee gemoeid. De Chinezen lijken volledig carte blanche te krijgen om hun gokhonger te stillen.

Protserige leeuwen

Het standbeeld van twee gouden leeuwen, op een rotonde vlakbij de zee, is een baken in de stad. Over smaak valt niet te twisten, maar de beelden stralen voor mij geen grandeur uit. Ze moesten, denk ik, vooral groot zijn. Maar imponeren doen ze niet. 

Leean Saan (76) heeft een mini-winkeltje vlakbij het standbeeld. Ze verkoopt frisdrank, sigaretten en brandstof voor brommers. Twintig jaar geleden is ze voor het eerst met haar familie uit provincie Kampot naar hier gekomen. “Toen was het hier één groot bos, er waren geen huizen”, vertelt ze. “Er stond wel al een standbeeld van een leeuw, maar dat was kleiner en wit in plaats van goud.” 



Het mini-winkeltje van Leean Saan, vlakbij het centrale leeuwenmonument. “De zaken gaan minder goed want de Chinezen kopen niet bij mij.”

 » Lees verder

%d bloggers liken dit: