Nederland verst verwijderd van Europese energiedoelstelling

06-09-18 09:53:00,

In 2020 wil Nederland 14 procent hernieuwbare energie gebruiken maar het land blijkt nog ver van dat doel verwijderd. Nederland is van alle Europese landen zelfs het verst verwijderd van de duurzame energiedoelstelling die met Europa werd afgesproken.

Nederland is van alle Europese landen het verst verwijderd van de Europees afgesproken doelstelling voor hernieuwbare energie. Dat schrijft duurzaambedrijfsleven.nl op basis van constateringen uit de tweejaarlijkse evaluatie Monitor Infrastructuur en Ruimte (MIR) van het Nederlandse Planbureau voor de Leefomgeving.

Energieakkoord

In het Energieakkoord heeft Nederland vastgelegd dat het land in 2020 minstens 14 procent energie uit hernieuwbare bronnen wil halen. In de laatste MIR staat echter dat Nederland nog ver van dat doel verwijderd is. Zo moeten er onder andere nog veel meer windmolens bij.

Het aandeel uit hernieuwbare bronnen (zon, wind, waterkracht, biomassa) opgewekte energie is in de afgelopen jaren toegenomen, van 1,3 procent in 2000 naar 6,7 procent in 2017. “Het gerealiseerde aandeel ligt daarmee nog ver af van de doelstelling voor 2020”, stelt het MIR.

België staat twee plaatsen hoger dan Nederland in de lijst van de 28 EU-landen, gewogen naar hun aandeel hernieuwbare energie in relatie tot het vooropgestelde doel in 2020. Bovenaan de lijst prijken Zweden, Finland en Letland.

Teloorgang van soorten

Naast duurzaamheid haalt Nederland ook een heel aantal doelstellingen niet op vlak van natuur en water. Het evaluatierapport spreekt onder meer over een achteruitgang van zeldzame soorten in ecosystemen door de aanwezigheid van te veel aan stikstof in de bodem, met name in de vorm van ammoniak.

Deze stof is hoofdzakelijk afkomstig uit de landbouw. Ook verkeer en industrie zorgen voor verhoogde stikstofwaarden in de bodem.

Economie en mobiliteit

Een heel aantal van de economische en mobiliteitsdoelen heeft Nederland wel gehaald, zoals het versterken van de concurrentiekracht van stedelijke regio’s en het vergroten van het aanbod van infrastructuur. Door de fiscale stimulering voor de aanschaf van zuinige auto’s neemt de uitstoot van fijnstof en stikstofoxiden af, terwijl het autogebruik wel nog toeneemt. De CO2-uitstoot is sinds 2015 ook weer licht gestegen.

 » Lees verder