Ian Buruma’s ‘Signalen’ 7

10-09-18 10:44:00,

Afgaande op mijn eigen ervaringen met hem, en op zijn eigen woorden, geldt voor mijn oude vriend Ian Buruma dat 


the biggest lie I tell myself is: ‘I don’t need to write that down, I’ll remember it.’ 


Tegelijkertijd verklaart Buruma zelf:


De truc van een memoir is eigenlijk een beetje hetzelfde als de truc van het schrijven van fictie; dat je van al die dingen die in je hoofd zitten, een sluitend verhaal moet maken. Terwijl het leven zelf nooit sluitend is, laat staan je geheugen. Ik heb niks verzonnen, maar ik ben me er heel goed van bewust dat het geheugen volstrekt onbetrouwbaar is, je stelt het de hele tijd bij. Het geheugen is als een film in je hoofd die telkens opnieuw wordt gemonteerd.


https://www.volkskrant.nl/mensen/ian-buruma-als-schrijver-word-je-snel-in-een-bepaalde-hoek-gezet-van-intellectueel-en-dus-moeilijk-~b52a9370/  

Voor een journalist die er zich ‘heel goed van bewust’ is ‘dat het geheugen volstrekt onbetrouwbaar is’ getuigt het van een angstwekkende nonchalance dat Buruma geen aantekeningen maakt tijdens interviews, en ook geen geluidsopnamen, waardoor zijn geïnterviewden zich naderhand regelmatig niet herkennen in de woorden die Ian hen in de mond legt. Over die werkwijze schreef een andere oude vriend van mij, de columnist Max Pam, in november 2006 naar aanleiding van Buruma’s toen recent verschenen boek Dood van een gezonde roker:  


Ach ja, Ian…


In verschillende interviews heeft Buruma gezegd mij als een vriend te beschouwen, maar eerlijk gezegd voel ik mij in zijn boek niet als een vriend behandeld. Die paar keer dat hij mij citeert, citeert hij mij verkeerd. Ook bij mij heeft hij nooit iets genoteerd en heeft hij later geprobeerd het een en ander te reconstrueren, meestal met desastreuze gevolgen. Het is al eerder geconstateerd, maar het boek van Buruma wemelt van fouten. Afgaande op wat ik zelf heb gevonden, plus wat anderen hebben aangedragen, bevat Dood van een gezonde roker naar schatting tussen de 125 en 150 feitelijke onjuistheden. Bovendien scheert het boek op sommige plaatsen heel dicht langs wat je plagiaat zou kunnen noemen.


Veel fouten zijn van het eenvoudige soort. Zo is de vader van Yolanda Withuis nooit hoofdredacteur van De Waarheid geweest en is Herman Philipse geen hoogleraar in Oxford,

 » Lees verder