verboden-op-het-gras-te-lopen

04-12-18 04:18:00,

Frankrijk is in de ban van de massa-protesten van de ‘gele hesjes’. De directe aanleiding: een verhoging van de accijnzen op brandstof. Maar de ware oorzaak van deze acties ligt dieper, betoogt Ewald Engelen.

Het riekt weer eens naar revolutie in de straten van Parijs. Nu al drie weekenden achtereen hebben de zogenaamde ‘gele hesjes’ met hun duizenden de Champs-Élysées onveilig gemaakt. Commentatoren spreken van uitzonderlijk gewelddadige demonstraties en berichten van doelbewuste beschadigingen aan Franse iconen als de Arc de Triomphe, dat symbool van Franse grootsheid en het lijden van de Eerste Wereldoorlog. Minstens zo opmerkelijk is dat de demonstranten het vooral gemunt leken te hebben op de wijken waar de elite woont. Het waren de Audi’s, Mercedessen en BMW’s van de rijken die smeulend de beelden vulden van de journaals van zaterdag en zondag.

De directe aanleiding voor de demonstraties was de verhoging van de accijnzen op diesel en benzine door de regering Macron. Reden voor veel commentatoren om de demonstratie weg te zetten als een doodordinair belastingoproer, vergelijkbaar met het Poujadisme van de jaren vijftig.

Wat mij betreft is dat te makkelijk. De stemmen die uit de schaarse interviews met demonstranten die in de Nederlandse en Britse media opduiken, leren dat het verzet voortkomt uit veel diepere bronnen van onvrede en bezorgdheid, die zowel economisch als politiek van aard zijn. 

Net als in Nederland is de bancaire crisis van 2008, veroorzaakt door onoordeelkundige blootstellingen aan de Amerikaanse huizenmarkt, in Frankrijk ‘opgelost’ door de balans van de staat als buffer te gebruiken. De kosten die daarmee waren gemoeid, zijn in de jaren erna in de vorm van hogere lasten en slechtere diensten afgewenteld op de burger.

De burger mag voor de kosten opdraaien, terwijl het grootbedrijf wordt ontzien

In Frankrijk gebeurde dit weliswaar in een veel trager tempo dan in Nederland. Dat verklaart de Franse begrotingstekorten en het Nederlandse begrotingsoverschot, alsmede de relatief betere inkomenspositie van Franse huishoudens: op de ranglijst van rijkste Europese landen prijkt Frankrijk met een besteedbaar inkomen van 20.038 euro per persoon per jaar op de dertiende plaats en Nederland met een bedrag van 18.823 euro per persoon per jaar op een schamele vijftiende plaats.

En net als in Nederland is de afwentelingspolitiek sinds de crisis in hoge mate regressief geweest: het zijn de armen en kwetsbaren (huurders,

 » Lees verder