de-lange-arm-van-rabat-verleden-en-heden-deel-i

11-01-19 04:47:00,

Dit jaar (2019) bestaat de officiële migratie van Marokkanen naar Nederland 50 jaar. De Marokkaanse gemeenschap in Nederland telt momenteel bijna 400.000 personen. Een gegeven dat steeds terugkeert, is de inmenging van de Marokkaanse overheid met haar ex-onderdanen en de reactie daarop door de Marokkaanse gemeenschap en de Nederlandse politiek.

In deze reeks artikelen zoomt Said Bouddouft in op de historie van de lange arm van Rabat. In deze eerste bijdrage beschrijft de auteur de achtergrond en het ontstaan van de Amicales begin jaren 70.

Inleiding

Marokkanen kennen een lange traditie van arbeidsmigratie. In koloniale tijden vertrokken ze naar buurland Algerije voor seizoensarbeid in met name Franse landbouwbedrijven. Na het formele vertrek van Frankrijk uit Marokko halverwege de jaren 50, gingen Marokkanen ook naar Frankrijk migreren. In de jaren daarna nam de migratie vanuit Marokko naar Europa sterk toe evenals het aantal bestemmingen.

De Marokkaanse migratie naar Europa was in eerste instantie vooral een zaak van mannen en het was allemaal, zo dacht men, tijdelijk. Het idee van de tijdelijkheid leefde bij de betrokkenen zelf, bij Marokkaanse overheid en bij de bestemmingslanden. Maar al snel begonnen de gastarbeiders hun echtgenotes en hun kinderen naar Europa te halen en vormden ze gezinnen. De ‘tijdelijkheid’ duurt inmiddels meer dan een halve eeuw.

Belangen

De Marokkaanse overheid had en heeft nog steeds grote belangen bij de migratie van Marokkanen. De migratie vermindert de demografische druk van vooral jonge mannen en daarmee ook de sociale en politieke onrust in Marokko. De laatste jaren zijn het vooral jongeren uit het Rifgebied (Noord-Marokko), die de overtocht naar Europa proberen te maken. 

Het vertrek van deze jongeren komt de Marokkaanse overheid goed uit. De overheid heeft de laatste jaren namelijk enorm last van de protestbeweging Hirak (Noord-Marokko). In het verleden was het niet anders. Het vertrek van de gastarbeiders uit het zeer gemarginaliseerde Rifgebied na een opstand in 1958/1959 was voor de overheid van groot belang.

De sociale en politieke onrust in het noorden van Marokko was destijds voor de Marokkaanse overheid een belangrijke reden om Europese bedrijven in dat gebied in de jaren 60 en begin jaren 70 de gastarbeiders (illegaal) te laten werven. In Nederland is een belangrijk deel van de gastarbeiders uit de Rif afkomstig: diverse bronnen schatten het aandeel van Riffijnen in Nederland op 80 procent van de Marokkaanse migranten.

 » Lees verder