hoe-china-de-standaard-zet-voor-innovatie-|-uitpers

25-05-19 06:42:00,

In het voorwoord noemt Peter Hinssen het boek ‘een gids voor iedereen die vat op de toekomst wil’. Volgens Hinssen is de toekomst digitaal, en China zal daarvan het middelpunt zijn. Wij hier onderschatten de innovatiekracht van dat land. Het boek van Coppens belooft onze ogen te openen.

Mijns inziens maakt het boek die belofte waar. Het is een hoopvolle eyeopener. Europa kan mee op de sneltrein naar de toekomst springen als het maar open staat voor China.

De auteur is sinoloog, woonde meer dan 20 jaar in China en werkte er in hoogtechnologische sectoren. Tussendoor maakte hij ook een sprongetje naar Silicon Valley zodat hij kan vergelijken. In een inleidend hoofdstuk brengt hij zijn belangrijkste stellingen naar voor.

Sinds 2013 geldt in China het ‘Nieuwe Normaal’. Het land moet de sprong van ontwikkelings- naar ontwikkeld land maken. Dat betekent een iets tragere maar nog steeds snelle economische groei in combinatie met omschakeling naar hoogwaardige producten en diensten. China innoveert heel snel, met bijzondere dank aan de mobiele digitale sector. Tegen 2030 zal China op een aantal technologische gebieden wereldleider zijn.

Het geheim van de snelle innovatie

Waarom kan China zo snel innoveren? Coppens verwijst naar de samenwerking consument-bedrijf- overheid die in elk hoofdstuk terugkeert. De drijvende krachten van de Chinese markt zijn de behoeften van de verbruikers. Wie daar het best aan voldoet groeit het snelst en heeft de beste overlevingskansen. De overheid steunt de innovatieve spelers die in het ontwikkelingsplan passen. In het Westen is de drijvende kracht de winst van de bedrijven. Innovatie gebeurt alleen wanneer men er een winstgevende markt kan voor creëren. Coppens vat hier in enkele zinnen het verschil samen tussen socialistische markteconomie op zijn Chinees en liberaal kapitalisme – zonder die termen te gebruiken.

De spil van de snelle innovatie in China is artificiële intelligentie (AI). Het gaat niet zozeer over sensationele toepassingen waarbij de AI van Google een Chinese kampioen Go verslaat, maar vooral om het groot aantal toepassingen in het dagelijks leven. Daarvoor is slechts ‘zwakke AI’ nodig; die is al disruptief genoeg. China heeft daarvoor de mensen, de hardware en de big data. Tegen 2030 wil het ook voor de chips de marktleiders bijgebeend hebben. In 2017 investeerde China reeds voor de helft zoveel als de VS,

 » Lees verder