Rechter erkent schadelijkheid en onbewezen werking mondkapjes, maar handhaaft mondkapjesplicht op scholen

rechter-erkent-schadelijkheid-en-onbewezen-werking-mondkapjes,-maar-handhaaft-mondkapjesplicht-op-scholen

15-02-21 01:42:00,

Door Karel Beckman: De stichting Ik-wil-gewoon-naar-school, die door Ademvrij.NU wordt ondersteund, is zwaar teleurgesteld door het vonnis van de rechtbank in Den Haag op 11 februari in het kort geding tegen de mondkapjesplicht op middelbare scholen. De stichting wijst erop dat de rechter erkent dat “hard sluitend wetenschappelijk bewijs over het precieze effect van mondkapjes niet voorhanden is en dat het (langdurig) dragen van een mondkapje (enige) schadelijke gevolgen kan hebben”, maar dat desalniettemin de mondkapjesplicht is gerechtvaardigd.

“Ondanks deze overwegingen is de rechter dus toch tot haar afwijzing gekomen. Wij vinden dit zeer bedenkelijk en zijn ontzettend teleurgesteld in deze uitspraak, mede omdat het aantoont dat onze rechtstaat geen bescherming meer biedt aan onze kinderen,” stelt de stichting. “Deze ongefundeerde afwijzing sterkt ons alleen maar in de overtuiging dat wij moeten strijden voor onze kinderen.”

Hoe is de rechter tot het vonnis gekomen? De stichting, schrijft de rechtbank, heeft ten eerste aangevoerd dat de regeling “onmiskenbaar onverbindend” is, want “in strijd met diverse fundamentele grondrechten.” De advocaat van de stichting redeneert dat “beperkingen op grondrechten steeds herleidbaar [moeten] zijn tot een specifieke wet in formele zin. De Regeling is geen wet in formele zin, maar een ministeriële regeling. De beperking op grondrechten is niet noodzakelijk en niet evenredig.”

Ten tweede redeneert de stichting dat “het dragen van mondkapjes [er niet aan bijdraagt] om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan, althans dat is niet bewezen. Vast staat juist dat het dragen van mondkapjes zowel fysiek als psychisch schadelijk is.”

Een acute crisissituatie

De rechter wijst beide argumenten af.

Wat betreft de onverbindend verklaring, vanwege schending van de grondrechten, volgt de rechtbank de volgende redenatie.

De Regeling, stelt de rechter, “is onderdeel van het beleid van de Staat om al dan niet bepaalde maatregelen te treffen ter bestrijding van het coronavirus. De verspreiding van het coronavirus heeft geleid tot een acute crisissituatie in Nederland. De Staat heeft in dergelijke situaties een grote mate van (beleids)vrijheid bij het nemen van maatregelen door middel van de inzet van bestuurlijke en juridische middelen. De besluiten die het kabinet in dit kader neemt, zijn voortdurend onderwerp van politiek debat en afwegingen op dit gebied behoren bij uitstek tot het domein van de uitvoerende macht.

 » Lees verder

%d bloggers liken dit: